chili, bolivia & peru 2025

CHILI: Atacama woestijn en andes hoogvlakte

bolivia: Altiplano en Uyuni zoutvlakte

Peru: Cusco, Andesgebergte & inca vallei

Happen naar zuurstof

Deze reis kende wat opstartproblemen en had bijna een vergelijkbaar einde, maar alles ertussenin bestond uit hoogtepunten (soms letterlijk boven de 5000 meter!).

Drie landen in één reis, een jeeptour, een huurauto, privéchauffeurs, acclimatiseren aan de hoogte… Het maakte de voorbereiding net wat intensiever dan sommige andere reizen, maar eind september was het zover. Voor het eerst sinds mijn twintigste (een korte trip naar Venezuela tijdens mijn diensttijd op Curaçao, een leven geleden) ging ik naar Zuid-Amerika. Niet alleen dit keer, maar samen met één van mijn beste vrienden en mede-foto-enthousiast Roberto. En het werd absoluut een avontuur.

Een gemiste vlucht

Eerst over die start: dit was mijn primeur — een gemiste vlucht.
Hoe kon dit gebeuren? We hadden drie heen-tickets. Alle drie geboekt via Iberia, wat ook overal op stond. Het eerste stuk naar Madrid ging probleemloos en we hadden ruim tijd voor de overstap.

“23:55 Santiago de Chile, Iberia” stond zowel op onze tickets als op de schermen, en verwees naar gate 49. Dus daar zijn we gaan wachten. Normaal check ik honderd keer mijn vluchtnummers, maar bij deze gate stond nog niets op de borden en we hadden geen enkel vermoeden dat er iets mis kon zijn. Tot bij het boarden bleek dat er nóg een vlucht was met 23:55 Santiago de Chile, maar dan van LATAM — onder de vlag van Iberia — vanaf, ehm… gate 4. De sprint van ik schat een kilometer was een leuke training, maar mocht niet baten. We kwamen nog net voor officiële vertrek aan, maar mochten niet meer aan boord. Oeps.

Bij de servicebalie wilden ze ons graag helpen, maar de eerstvolgende mogelijkheid was vier dagen later. Ik zag even de hele vakantie in rook opgaan. Het laatste beetje hoop was de helpdesk van Iberia. Een uur bellen midden in de nacht vanaf het vliegveld later kwam het verlossende: “Encontré un vuelo vía São Paulo con dos asientos disponibles.” Vrij vertaald: “We hebben je nu wel genoeg gestrest; morgen kunnen jullie alsnog naar Chili, via Brazilië.” Blij was een understatement.

Chili – Bolivia – Peru

In Zuid-Amerika ging alles goed. Nou ja: de pickup voor onze Bolivia-tour stond bij het verkeerde hotel (omgeboekt wegens problemen met het water) waardoor we als de brandweer met een taxi naar de grensovergang hebben moeten rijden, de jeep kreeg een lekke band, één chauffeur reed zich bijna vast in de modder en de ander blies z’n motor op, we hebben een grote kei van de weg moeten rollen en we waren een dagje ziek… maar dat voelde als kinderspel na de stress van de start. En niets kon de pret nog drukken.

Ik had veel moois verwacht, maar het overtrof mijn verwachtingen. Bovendien voelde deze reis totaal niet onveilig, waren er geen opdringerige verkopers en viel het ons op hoe netjes en schoon veel plekken waren.

Het mooie van deze reis was de combinatie van adembenemende landschappen en mensen in traditionele kleding. Buiten de steden voelt het als een reis terug in de tijd: mensen met een eenvoudig bestaan, werkend op het land, in kleurrijke traditionele kleding. In veel opzichten haast het tegenovergestelde van de ingetogen en georganiseerde Japanners — en beiden vond ik fascinerend.

We ontmoetten veel hartelijke mensen. De vrouw van één van de pensions werd emotioneel van een fooi van 120 soles (30 Euro). Ze telde het drie keer na en bleef maar zeggen dat het niet klopte. Maar voor vier keer extreem vroeg ontbijt klaarzetten en ’s avonds kruiken brengen vonden wij het meer dan verdiend.

Rijden in Peru

De chauffeurs verdienen een vermelding. Laat ik zeggen: ze hebben een aparte rijstijl.
Bumperkleven op een politieauto was een nieuw fenomeen voor mij.

Elk gaatje wordt benut. Bij een drempel of ander oponthoud sta je zo met drie auto’s naast elkaar over de volle breedte van de weg — om daarna in een totaal andere volgorde verder te rijden. Veel getoeter ook, maar dat is slechts communicatie: “hier ben ik”. Geen agressie, geen schelden zoals Italianen dat kunnen. Dit is gewoon hoe het werkt. Non-agressief, maar extreem assertief. El más decidido tiene la vía — wie het meest vastberaden is, wint. De enige regel is: zolang niemand botst, is het goed.

En zodra de hoogte toeneemt: coca-bladeren bijproppen in de bolle wang, alsof het popcorn is.

In Chili konden we zelf rijden, wat de vrijheid gaf om veel te stoppen voor alle mooie uitzichten. Die luxe heb je dan weer niet (of veel beperkter) met een chauffeur in Bolivia en Peru. Maar ik ben inmiddels wel overtuigd dat zelf rijden absoluut onmogelijk is in de wirwar van zandsporen van de Boliviaanse hoogvlakte.

De hoogte

In Cusco (3400 meter) voelde een trap al als een workout, dus we zagen op tegen de bergtochten tot 5100 meter (in perspectief: base camp Everest is 5300 meter, dus dat was een beetje intimiderend). Toch viel het mee. Oké, je lichaam heeft 50% minder zuurstof: je denkt dat je een zak cement draagt in plaats van een fototas. En om de twintig meter bergop moet je even stilstaan en bijkomen, dat idee. Maar beter dan de anderen die we aan de zuurstof hebben gezien, of “uit alle openingen” leeglopend. Sneu om te zien.

Bij mij bleef het bij een licht hoofd en regelmatig happen naar zuurstof. Het bijna hallucinerende gevoel paste eigenlijk wel bij de buitenaards aandoende landschappen. Extremen ook: ’s ochtends -5, een paar uur later +30. En dan: waar laat je al die kleding?

Tip: denk niet dat je geen zonnebrand nodig hebt als het bewolkt is. Die logica gaat op die hoogte niet op.
Voordeel van extreme hoogten: insecten hebben er geen zin in.

Straathonden

Wat ook opviel: heel veel honden op straat.
Ze zien er prima uit en blaffen nauwelijks. Ze leven van de wijk en iedereen kijkt naar ze om. En ze hebben maling aan verkeer. Auto’s moeten maar om hén heen. Ze kennen de verkeersregels van de Andes met een tranquilo houding.

Nooit-afgebouwde huizen

De meeste huizen lijken niet af. Overal steken stalen pennen als bosjes uit de daken. Is het geld op? Zoals je in Zuid-Europa soms ziet? Op een gegeven moment ben ik het maar wezen vragen. Het bleek belastingtechnisch slim: je betaalt minder als het huis officieel nog niet af is. En het wordt niet als slordig gezien. Sterker nog: het straalt ambitie uit — wij bouwen voor de toekomst. Geweldig. :)

Feesten en tradities

Ik hoorde ook dat er sinds een jaar of tien een herwaardering van cultuur en tradities te zijn. Niet vanwege toerisme, maar als positief streek-nationalisme. En dat betekent veel feesten.

Wij vielen vaak met onze neus in de boter:

-Een huwelijksjubileum met fanfare in een klein dorpje in Bolivia

-Een processie op Plaza de Armas in Cusco met Mariabeeld, burgemeester, muziek en dansgroepen

-Een feest ter ere van matadores (zonder stieren gelukkig) in de Peruaanse Andes

-Een soort broodofferfeest in het volgende dorp, met uren dansende en bierdrinkende oudjes

Ja, ze houden wel van een feestje.

Kinderen

Kinderen waren een foto-feest op zich. De kleintjes in draagdoeken natuurlijk, maar ook de spontane momenten: zoals het zoontje van de chauffeur met wie ik onderweg de dagen van de week oefende (ja, dat is ongeveer mijn nievau Spaans). En op één van de laatste avonden stond een hele rij schoolkinderen high-fives uit te delen in het restaurant. Ze kwamen uit een klein dorp en zagen niet vaak toeristen. Heel grappig.

Dieren

Ik heb deze reis vaker de telelens gepakt dan op welke reis dan ook. Lama’s, alpaca’s, vicuña’s, flamingo’s, vossen, ezels..

De terugreis – bijna weer..

Zoals ik al zei: ook de terugweg dreigde mis te lopen.
We hadden ruim overstaptijd in Lima, totdat een vertraging van twee uur dat veranderde. Ieder normaal mens had de vlucht gemist, maar wij dachten: niet nog een keer.

Van achter in het toestel naar “land officieel in”, dan door alle checks, zigzagroutes, mensenmassa’s: twintig minuten totale chaos. Totaal tegen mijn natuur in alle rijen afgesneden, honderden keren “sorry” geroepen.
Maar iedereen hielp: linten los, aanmoedigingen (“je moet brutaal zijn, anders mis je het”). Roberto raakte ik kwijt, tot er ineens een elektrisch vliegveldkarretje langs kwam scheuren met hem erop. Ik kon nog net achterop springen.

Bij gate 22 was het akelig stil, maar de deur aan het einde van de slurf stond nog open — en werd direct achter ons dichtgedaan.

De cirkel was rond. Maar dit keer zat ik ín het vliegtuig.
Bezweet maar opgelucht.
Adiós Sudamérica.

 
<< REIZEN
JAPAN >>